Lindorff

Schuldsanering aanvragen

Wilt u schuldsanering aanvragen, dan moet u niet bij Sociaal Verhaal zijn. Maak een afspraak met de gemeente of de gemeentelijke kredietbank als u schuldsanering wilt aanvragen. Sociaal Verhaal kan u alleen helpen met het oplossen van problemen met deurwaarders of met uw uitkering als u al schuldsanering heeft aangevraagd bij de gemeente of de kredietbank. U dient dus eerst zelf schuldsanering aan te vragen. En zodra u in het bezit bent van uw schriftelijk aanvraag voor schuldsanering, kunnen wij u helpen om beslaglegging op uw inboedel, auto op bankrekening te voorkomen. Onze hulp geldt uiteraard ook om een executoriale verkoop van uw inboedel of auto door de deurwaarder te voorkomen. Dit zal plaatsvinden nadat de gerechtsdeurwaarder eerst beslag heeft gelegd op uw auto of inboedel en deze vervolgens openbaar wil verkopen. Bel ons voor hulp om dit te voorkomen.

Wettelijke schuldsanering aanvragen

Wilt u de wettelijke schuldsanering natuurlijke personen aanvragen (WSNP), dan dient u eerst een minnelijk schuldhulptraject te hebben doorlopen. Dit kunt u doen bij de gemeente, de gemeentelijke kredietbank of een schuldbemiddelingsbureau. Pas als de minnelijke schuldsanering is mislukt, om redenen die buiten uw schuld zijn gelegen, kunt u een aanvraag indienen voor toelating tot de wettelijke schuldsanering natuurlijke personen. U moet daarvoor over een schriftelijk verklaring beschikken van uw minnelijke schuldbemiddelaar (gemeente, of kredietbank, of schuldhulpbureau). Dit is een zogenaamde ‘285-verklaring’. De gemeente of kredietbank is wettelijk verplicht om u deze verklaring, met daarin de reden waarom uw minnelijke schuldsanering is mislukt, te geven. Naast deze verklaring moet u tevens beschikken over een rapportage over het minnelijke traject. Deze rapportage dient eveneens door uw voorgaande minnelijke schuldhulpverlener te zijn opgesteld. U mag deze rapportage niet zelf maken. Als u over deze twee documenten beschikt van de gemeente of uw schuldhulpverlener, dan kunt u de wettelijke schuldsanering aanvragen. Dit kunt u zelf doen. U heeft daarvoor geen advocaat nodig. Gebruikelijk is wel dat uw voorgaande minnelijke schuldhulpverlener, of de gemeente, of de kredietbank voor u de schuldsanering aanvraagt.

Om de wettelijke schuldsanering aan te vragen, moet er een verzoekschrift bij de rechtbank worden ingediend waarbij u een verplicht aantal documenten meestuurt. Dit zijn in elk geval de verklaring van uw vorige schuldbemiddelaar, met de reden waarom uw minnelijke schuldsanering is mislukt en de onderliggende schriftelijke rapportage over het minnelijke schuldhulptraject. U kunt het verzoekschrift wettelijke schuldsanering digitaal invullen via de website van de Raad voor Rechtsbijstand http://old.wsnp.rvr.org/forms/index_sa.cfm?action=intro_284.

U dient de volgende informatie met uw ingevuld verzoekschrift mee te sturen naar de rechtbank. U kunt ook alles zelf bij de centrale balie van de rechtbank inleveren, of per post versturen.

Conform de vereisten in artikel 3.1.2.6. van het Procesreglement verzoekschriftprocedures insolventies rechtbanken dienen de volgende bijlagen, die niet ouder mogen zijn dan één maand, met het verzoekschrift meegestuurd te worden:

  1. de bijlage aanvullende gegevens (document ‘Aanvullende gegevens bij Verzoekschrift Wsnp ex art. 284 Fw. buiten gemeenschap van goederen’);
  2.  de bijlage crediteurenlijst ( document ‘Crediteurenlijst bij Verzoekschrift Wsnp ex art. 284 Fw. buiten gemeenschap van goederen’);
  3.  een kopie van een geldig legitimatiebewijs (paspoort / rijbewijs / identiteitskaart):
    – van een verzoeker, en
    – van de (huwelijks)partner, indien de verzoeker in enige gemeenschap van goederen is gehuwd of in enige gemeenschap van goederen een geregistreerd partnerschap is aangegaan;
  4.  indien het verzoekschrift is ondertekend door een gevolmachtigde die niet als advocaat is ingeschreven, een geschrift waaruit de volmacht blijkt;
  5.  een origineel uittreksel uit de gemeentelijke basisadministratie van de verzoeker met vermelding van zijn burgerlijke staat;
  6.  een verklaring, met bijlagen, als bedoeld in artikel 285 lid 1 aanhef en onder f van de Faillissementswet (Fw), afgegeven door of namens het college van burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de verzoeker woont of verblijf houdt, en opgemaakt volgens het in overleg tussen de Raad voor Rechtsbijstand (RvR), de Nederlandse Vereniging voor Volkskrediet (NVVK) en de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) meest actueel vastgestelde model (document ‘Verklaring ex art. 285 lid 1 f Fw. buiten gemeenschap van goederen’);
  7.  een recente loonstrook of uitkeringsspecificatie;
  8.  indien de verzoeker is gehuwd of een geregistreerd partnerschap is aangegaan en huwelijkse voorwaarden zijn opgemaakt, een kopie van de akte huwelijkse voorwaarden;
  9.  indien sprake is van schulden aan (een) uitkeringsinstantie(s) of aan de Belastingdienst, (telkens) een specificatie en, indien aanwezig, een terug- c.q. invorderingsbesluit daarvan;
  10.  indien de verzoeker een bedrijf heeft of heeft gehad, een origineel uittreksel uit het handelsregister en, indien deze zijn opgemaakt, de jaarstukken van de laatste drie jaar;
  11.  indien sprake is van schulden bij het CJIB, een opgave van het CJIB waarin deze schulden worden gespecificeerd;
  12.  indien sprake is van schulden die samenhangen met een strafrechtelijke veroordeling en / of tot schadevergoeding aan een benadeelde wegens het plegen van een misdrijf, een specificatie van deze schulden en een kopie van het strafvonnis;
  13.  indien de schulden zijn veroorzaakt door verslaving of psychische problemen, een recente verklaring van de daarop betrekking hebbende hulpverlening over het verloop van de behandeling;
  14.  een verklaring van de schuldhulpverlener over het verloop van het minnelijk traject, de motivatie van schuldenaren, de wijze waarop de zij hun afspraken zijn nagekomen en zijn inschatting van de kans van slagen van de Wsnp (document ‘Rapportage schuldbemiddelaar betreffende het minnelijk traject; buiten gemeenschap van goederen’);
  15.  in geval van vermogen dat in bezit is van de schuldenaren:
    – een kopie van bijvoorbeeld een spaarpolis, een lijfrente- of kapitaalverzekering, autopapieren, een eigendomsbewijs caravan, een tweede woning et cetera.

Zie ook

studiefinanciering

Bel mij terug!

Velden met een * zijn verplicht.

Wilt u meer weten over het schuldsaneringstraject neemt contact op met Sociaal Verhaal voor hulp.

Zitting rechtbank schuldsanering aanvragen

Heeft u het verzoekschrift volledig en met de benodigde bijlagen bij de rechtbank ingediend, dan komt er een zitting van de rechtbank waar uw aangevraagde wettelijke schuldsanering inhoudelijk wordt behandeld. Na uw aanvraag schuldsanering ontvangt u per post van de rechtbank een uitnodiging voor de WSNP-zitting. Dit is meestal op een termijn van vier tot acht weken. De rechter zal tijdens de zitting laten weten of alle gevraagde informatie aanwezig is om uw aanvraag schuldsanering te beoordelen. Als dit niet zo is, vraag direct aan de rechter om een termijn, of om een  aanhouding om de ontbrekende informatie alsnog te mogen aanleveren. Weigert de rechtbank dit en krijgt u een afwijzing van uw aanvraag wettelijke schuldsanering, neem direct met ons contact op. Wij laten u weten of de afwijzing van uw WSNP-aanvraag door de rechtbank terecht is en helpen u om daartegen beroep in te stellen. Onze hulp is gratis. Dit ook in het geval dat het noodzakelijk is dat wij een advocaat inschakelen om voor u hoger beroep in te stellen tegen een uitspraak van de rechtbank tot afwijzing van uw WSNP-aanvraag.

Voorwaarden aanvragen wettelijke schuldsanering

U kunt de wettelijke schuldsanering aanvragen als u aan de volgende voorwaarden voldoet.

  • U heeft problematische schulden die u zelf niet meer kunt aflossen. U inkomen is te laag om aan alle schuldeisers elke maand een minimaal aflossingsbedrag te betalen. Of er is beslag op uw uitkering, of loonbeslag gelegd waardoor u überhaupt niemand meer kunt aflossen.
  • Het minnelijke saneringstraject, buiten de rechtbank om, is mislukt. Dit moet blijken uit de documenten van uw laatste minnelijke schuldhulpverlener. Dit is meestal de gemeente, de kredietbank, of een professioneel schuldbemiddelingsbureau. Maar dit mag ook een bewindvoerder of een advocaat zijn. U moet dus een professionele hulpverlener hebben ingeschakeld die voor u een minnelijke sanering heeft geprobeerd uit te voeren. U mag dit dus niet zelf hebben geprobeerd of via een familielid of een kennis hebben gedaan.
  • De schulden zijn niet ontstaan door fraude of door grove nalatigheid van uw kant. Het moet niet zo zijn dat u spullen heeft besteld en deze met opzet niet heeft betaald, of dat u strafrechtelijk veroordeeld bent tot betaling van een boete of schadevergoeding. U wordt dan juridisch aangemerkt als ‘niet te goeder trouw’. De schulden moeten zijn ontstaan in een situatie waar u niet veel aan kon doen, zoals een echtscheiding, verlies van baan, uw bedrijf ging failliet, of u had psychische problemen of ziekte uitval.

Tot slot zijn er vijf verplichtingen die de rechter ter zitting over uw aanvraag wettelijke schuldsanering met u zal bespreken. De rechter zal beoordelen of u deze verplichtingen zal gaan nakomen, wanneer u tot de WSNP wordt toegelaten. Als de rechter denkt dat u dit niet kunt, zal uw aanvraag voor wettelijke schuldsanering worden afgewezen.

  • Inspannings- en sollicitatieplicht. Als u in de WSNP zit, moet u uw best doen om geld te verdienen en om uw inkomen te verhogen. Als u geen werk heeft, moet u minimaal vier keer per maand solliciteren.
  • U moet de door de rechter aangestelde WSNP-bewindvoerder op de hoogte houden van alle wijzigingen in uw leef- en werksituatie.
  • U mag geen nieuwe schulden maken als u tot de WSNP bent toegelaten.
  • U moet al het inkomen en geld dat u verdient of krijgt, afdragen aan de bewindvoerder. Dit voorzover uw inkomen boven het maandelijks voor u vrij te laten bedrag komt. De bewindvoerder reserveert dit geld om aan de schuldeisers een kwijtingsbedrag te kunnen betalen.
  • U heeft binnen een periode van tien jaar ‘voorafgaand aan uw aanvraag wettelijke schuldsanering’ niet eerder in de WSNP gezeten. Ook als u binnen deze termijn van tien jaar tussentijds uit de WSNP bent gezet, moet u tien jaar wachten om een nieuwe aanvraag WSNP te kunnen doen.

Heeft u aan al deze verplichtingen voldaan en heeft de rechtbank uw aanvraag voor toelating tot de wettelijke schuldsanering natuurlijke personen toch afgewezen, neem met ons contact op zodra u over de uitspraak van de rechtbank beschikt. Wij adviseren u kosteloos of u hoger beroep bij het gerechtshof dient in te stellen tegen de afwijzing WSNP door de rechtbank, danwel dat u opnieuw een aanvraag WSNP bij de rechtbank moet indienen.