studiefinanciering

Dwangsom gemeente niet tijdig beslissen

Wanneer de overheid zoals het UWV of de gemeente te laat een besluit neemt op een bezwaarschrift of een aanvraag uitkering, dan is de gemeente een dwangsom verschuldigd bij niet tijdig beslissen. Dit geldt ook voor andere overheidsinstellingen, zoals de DUO of het UWV. Voor aanvragen uitkering en bezwaarschriften is in de Algemene wet bestuursrecht (Awb) bepaald dat burgers recht hebben op een vergoeding in de vorm van een dwangsom als de overheid te laat een besluit neemt op een bezwaarschrift of een aanvraag uitkering. De overheid moet op tijd een besluit nemen voor bezwaarschriften en aanvragen uitkering. Dit heet wettelijk de beslistermijn.

Beslistermijn gemeente aanvraag uitkering

Als beslistermijn voor de gemeente op een aanvraag uitkering, geldt een redelijke termijn. Een redelijke termijn kan variëren van enkele weken tot enkele maanden. De gemeente moet in elk geval binnen acht weken een besluit nemen op een aanvraag uitkering of aanvraag bijzondere bijstand. Binnen deze acht weken moet de gemeente een besluit nemen of uitstel nemen en de nieuwe beslistermijn bekendmaken. Als de beslistermijn wordt uitgesteld door het bestuursorgaan omdat er bijvoorbeeld meer informatie nodig is, dan moet het bestuursorgaan de indiener van de aanvraag uitkering hierover informeren.

Beslistermijn bezwaarschrift

Voor een bezwaarschrift geldt een wettelijke termijn. De beslistermijn voor een bezwaarschrift is meestal zes weken en als er een bezwaaradviescommissie wordt ingeschakeld, dan is de beslistermijn twaalf weken. De beslistermijn kan meestal nog eens met maximaal zes weken worden uitgesteld. Als er cruciale informatie nodig is voor het bestuursorgaan om de beslissing te nemen, bijvoorbeeld vanuit het buitenland, dan is verder uitstel van de beslistermijn mogelijk. Voor elk uitstel geldt dat het bestuursorgaan de belanghebbende hierover schriftelijk moet informeren.

Voorlopige voorziening bij bezwaarschriftprocedure

Als de gemeente of het UWV een beslissing heeft genomen tot afwijzing of stopzetting van uw uitkering, dan blijft deze beslissing geldig gedurende de bezwaarschriftprocedure. Gezien de lange wettelijke beslistermijn en de mogelijkheid tot uitstel van de beslistermijn voor de gemeente of het UWV, kan de beslissing van het bestuursorgaan (bijvoorbeeld afwijzing aanvraag bijstand door gemeente) onherstelbare gevolgen voor u hebben (bijvoorbeeld huisuitzetting op grond van huurachterstand). Doet een dergelijke spoedeisende situatie zich gedurende de bezwaarschriftprocedure voor, dan kunt u tijdens de bezwaarschriftprocedure de voorzieningenrechter vragen om een voorlopige voorziening. De rechter zal dan gedurende de bezwaarprocedure een tijdelijke beslissing nemen, vooruitlopend op de beslissing op bezwaar van de gemeente of het UWV.  De voorziening van de bestuursrechter geldt meestal tot het moment waarop er door het bestuursorgaan op uw bezwaar is beslist.  Ingeval dat u geen inkomen heeft door afwijzing aanvraag uitkering of stopzetting bijstand door de gemeente, kunt u tijdens de bezwaarschriftprocedure aan de voorzieningenrechter een financieel voorschot vragen om van te leven gedurende de bezwaarprocedure tegen de gemeente. U moet dan wel eerst zelf al om een voorschot hebben gevraagd aan de gemeente of het UWV. Dit kunt u in elk geval doen na acht weken nadat u de uitkering heeft aangevraagd of nadat u bezwaar heeft gemaakt tegen de stopzetting van uw uitkering door de gemeente of het UWV. De bestuursrechter zal bij de voorlopige voorziening in zijn uitspraak laten meewegen of uw bezwaar tegen beslissing van de gemeente of het UWV in de bezwaarschriftprocedure kans maakt. Wanneer de bestuursrechter van mening is dat uw bezwaar geen kans maakt, dan zal in de meeste gevallen uw aanvraag voorlopige voorziening worden afgewezen door de bestuursrechter. Sociaal Verhaal kan voor u beoordelen of uw bezwaar kansrijk is en of u een voorlopige voorziening kunt aanvragen bij de rechter. Indien u tot de doelgroep van Sociaal Verhaal behoort, dan kunnen wij u van een gratis advocaat voor bezwaar en voorlopige voorziening rechtbank voorzien. Neemt u daarvoor contact met ons op.

zakelijk

Bel mij terug!

Velden met een * zijn verplicht.

Als u niet precies weet hoe bezwaar en beroep tegen afwijzing dwangsom door gemeente of ander bestuursorgaan werkt, neemt u dan contact op met Sociaal Verhaal.

Dwangsom ingebrekestelling

Voordat u aanspraak kunt maken op een dwangsom als vergoeding voor niet tijdig beslissen door de gemeente of een ander bestuursorgaan, dan moet u eerst een dwangsom ingebrekestelling aan de gemeente of het bestuursorgaan sturen. Dit kunt u doen als de termijn om te beslissen op uw aanvraag uitkering of op uw bezwaarschrift is verstreken en de gemeente binnen deze beslistermijn geen beslissing heeft genomen of extra uitstel om te beslissen heeft gemeld.  U kunt dan de gemeente in gebreke stellen en de gemeente daarbij vragen om alsnog binnen twee weken een beslissing te nemen omdat u anders aanspraak maakt op een dwangsomvergoeding vanwege te laat beslissen gemeente of ander bestuursorgaan. Dit kan volgens bijgaand voorbeeld dwangsom ingebrekestelling formulier. U kunt deze voorbeeld ingebrekestelling gemeente printen, invullen en opsturen of afgeven bij de gemeente of andere overheidsinstelling die de beslissing moet nemen.  Zodra u deze dwangsom ingebrekestelling aan de gemeente heeft verstuurd, dan heeft de gemeente nog twee weken de tijd om alsnog een beslissing op uw bezwaar of aanvraag uitkering te nemen.

Recht op dwangsom

U heeft vervolgens recht op dwangsom als de twee weken zijn verstreken en de gemeente of de overheid geen besluit op uw aanvraag of bezwaar heeft genomen. U heeft dan automatisch recht op een dwangsom (bestuurlijke dwangsom) voor elke dag dat de beslistermijn is overschreden door de gemeente of het bestuursorgaan. Dit voor maximaal 42 dagen. In deze termijn van 42 dagen tellen alle dagen mee. Het maakt niet uit of dat weekdagen, weekend of feestdagen zijn. De hoogte van de dwangsom verschilt per dag. Over de eerste 14 dagen geldt een vergoeding van € 20,00 per dag. Voor dag 15 tot en met dag 29 geldt € 30,00 per dag en voor dag 30 tot en met dag 42 moet het bestuursorgaan u € 40,00 per dag aan dwangsomvergoeding betalen. De maximale dwangsomvergoeding waar u recht op heeft bedraagt € 1.260. Daarnaast kunt u na het verstrijken van deze termijn een besluit van de gemeente of ander bestuursorgaan afdwingen via de rechter. U hoeft dan niet meer bezwaar te maken bij de gemeente tegen het uitblijven van de beslissing op uw bezwaar of aanvraag. Als de rechter uw beroep gegrond verklaard, dan moet de gemeente of het UWV alsnog binnen twee weken beslissen. De dwangsomvergoeding van € 1.260,00 mag u houden.

De gemeente of een ander bestuursorgaan moet in een beschikking bekend maken dat u recht heeft op een dwangsom. Dat moet gebeuren binnen twee weken na de dag dat u voor het laatst recht had op een dwangsom. De hoogte van de dwangsom wordt meestal vermeld in het besluit op uw aanvraag of bezwaarschrift.  Doet de gemeente dit niet, dan moet de gemeente de dwangsom beschikking afgeven binnen twee weken na de beslissing op uw aanvraag uitkering of bezwaarschrift. De gemeente moet vervolgens de dwangsom betalen binnen zes weken nadat de gemeente de beschikking tot betaling dwangsom heeft afgegeven.

Wet dwangsom uitzonderingen

In enkele gevallen kent de Wet Dwangsom uitzonderingen op de hoofdregel dat het bestuursorgaan bij te laat beslissen een dwangsom vergoeding is verschuldigd. Bij de Belastingdienst Toeslagen (bijvoorbeeld zorgtoeslag, huurtoeslag en kinderopvangtoeslag) heeft u alleen recht op een dwangsom bij de definitieve toekenning van de toeslag. Bij de voorlopige toekenning van een toeslag of wijziging van een toeslag geldt de dwangsomregeling niet. Dit geldt ook voor bezwaarschriften. Op de website van de Belastingdienst staat vermeld hoe u aanspraak maakt op een dwangsom bij de Belastingdienst.

Als de gemeente of het bestuursorgaan van mening is dat zij u geen dwangsom vergoeding is verschuldigd omdat bijvoorbeeld de vertraging in de beslissing van de gemeente aan u zelf is te wijten, dan hoeft de gemeente u naar aanleiding van uw dwangsom ingebrekestelling geen dwangsom te betalen. De gemeente moet de afwijzing van de dwangsom vergoeding in een schriftelijke beslissing aan u kenbaar maken. Tegen deze beslissing tot afwijzing dwangsom kunt u bezwaar maken bij de gemeente en daarna beroep bij de rechtbank, sector bestuursrecht. Als u niet precies weet hoe bezwaar en beroep tegen afwijzing dwangsom door gemeente of ander bestuursorgaan werkt, neemt u dan contact op met Sociaal Verhaal. Wij kunnen u eventueel voorzien van een gratis advocaat voor bezwaar tegen afwijzing dwangsom door gemeente.